Terug
Uitleg
Cursus
Boek
Lezen
Contact
Vraag 1/10
Score 0 / 10    0%

Je vliegt in luchtruim met classificatie G op een hoogte van 2000m AMSL. Je nadert een wolk. Op welke hoogte mag je in dit luchtruim door de wolk vliegen?

Zie hoofdstuk 8.2, paragraaf afstandregels en zichtregels.


Mag je vliegen tot cloudbase?

Zie hoofdstuk 8.2.


Bij welke leeftijd mag je beginnen aan een cursus paragliding?

Zie hoofdstuk 8.3, de paragraaf opleiding.


Een paraglider en een delta naderen elkaar in het vrije luchtruim, zie bovenstaande afbeelding. Wie moet uitwijken?

Zie hoofdstuk 8.1.


Waar staat de afkorting NOTAM voor?

Zie hoofdstuk 8.2, de paragraaf NOTAM.


Wat is een ICAO kaart?

Zie hoofdstuk 8.2.


Men spreekt van 'inhalen' wanneer men bij nadering van de ander...

Zie hoofdstuk 8.1.


Bij een overlandvlucht moet je over een spoorbaan vliegen. Welke hoogte boven het spoor moet je minimaal aanhouden?

Zie hoofdstuk 8.2.


Bij een overlandvlucht moet je over een snelweg vliegen. Welke hoogte boven de snelweg moet je minimaal aanhouden?

Zie hoofdstuk 8.2.


Welke uitspraken zijn juist:
1 - een delta moet uitwijken voor een paraglider.
2 - een paraglider moet uitwijken voor een zweefvliegtuig.

Zie hoofdstuk 8.1. Voor de Luchtvaartwet zijn alle ongemotoriseerde zweeftoestellen gelijkwaardig voor wat betreft de uitwijkregels.


Je score staat bovenaan.