Terug
Uitleg
Cursus
Boek
Lezen
Contact
Vraag 1/10
Score 0 / 10    0%

Je vliegt met 50% rem en remt dan verder aan tot 90%. Wat gebeurt er met de invalshoek?

Zie hoofdstuk 5.3, de paragraaf invalshoek.


Hoe wordt de lift over het schermoppervlak verdeeld?

Zie hoofdstuk 5.1, de paragraaf lift en weerstand.


Vliegt een scherm met een voorwaartse snelheid ook altijd naar beneden ten opzichte van de omringende lucht?

Zie hoofdstuk 5.1.


Hoe noemen we bovenstaande grafiek?

Zie hoofdstuk 5.4.


Hoe noemt men punt 1 en 2 in bovenstaande afbeelding?

Zie hoofdstuk 5.4.


Je vliegt op 1000 meter hoogte boven vlak terrein. Je scherm heeft een glijgetal van 7. Hoe ver kun je bij windstil weer maximaal vliegen?

Zie hoofdstuk 5.3, de paragraaf over glijgetal.


De weerstand is afhankelijk van...

Zie hoofdstuk 5.2.


Op grote hoogte boven zeeniveau wordt het (berg)starten eenvoudiger. Is deze stelling juist?

Zie hoofdstuk 5.2.


Je hebt een lintje aan je riser gebonden om te zien hoe de lucht beweegt. Je vliegt op trimsnelheid recht naar het noorden. Er is een stevige meteowind uit oostelijke richting. In welke richting wappert het lintje?

Je bent onderdeel van de lucht en de luchtstroom die je voelt en het lintje doet wappert komt enkel van je vliegsnelheid. Het lintje wappert dus naar achter.


Wat is juist? Een slank scherm:

Zie hoofdstuk 5.4, de paragraaf polaire.
Een slank scherm vliegt niet perse sneller. De (top)snelheid wordt vooral bepaald door de vleugelbelasting en trim - denk maar aan de kleine, plompe speedgliders die met meer dan 100 km/u vlak over de skipistes suizen.


Je score staat bovenaan.